Bruine Kiekendieven
Broedende individuen in het Kraaiennest nabij De Lier 2021–2023
Omdat er het eerste jaar in het moerasstrookje van het Kraaiennest twee vrouwtjes samen met één mannetje hun drie jongen grootbrachten werd ik nieuwsgierig naar hoe dat verder zou verlopen. Om een indruk te krijgen welke vogels er in verschillende jaren betrokken waren bij het broeden maakte ik veel foto's. Als gevolg daarvan vielen leuke eigenschappen op en werd het steeds interessanter om de individuen te onderscheiden. Het mannetje had sowieso al een opvallend witte stuit waardoor hij in de verre omtrek makkelijk te herkennen was.
2021
2022
2023
Bruine Kiekendieven, speuren naar maantjes
Een heel klein deel van de juveniele vogels heeft een 'maantje' in de hals in plaats van een veel lichtere 'zeemkop'. Dat is wel te vinden in vogel-literatuur. Maar wanneer een vogel in het voorjaar met een ruipatroon zoals de vogel op de foto hieronder verschijnt, dan wordt het spannend en moet je gericht op zoek naar informatie. Het is dan geen juveniele vogel meer, maar een adult vrouwtje. Dan is de kans groot dat het om een zeldzaam afwijkende melanistische vorm van de Bruine Kiekendief gaat.
Mijn speurtocht begon bij een artikel op internet van Olivier Dochy van oktober 2020:
'Melanistische Bruine Kiekendieven van de donkere vorm: mysterieuze vogels'
Olivier was zo attent om mij een artikel uit British Birds te sturen van W.S. Clark:
'The dark morph of the Marsh Harrier' [British Birds, February 1987 – vol. 80, issue 2, pp 61–72].
Daarnaast peilde hij nog wat experts in zijn omgeving. Desondanks bleek het bepalen van de leeftijd van
het donkere vrouwtje niet makkelijk. Een deel van de juveniele vogels stapt namelijk ook het leven in met
zo'n 'maantje' in de nek en men weet niet goed hoe dat kleed er na verloop van tijd uit gaat zien.
Uiteindelijk heb ik de bekende roofvogelonderzoeker Dick Forsman gevraagd, naar zijn expertise.
Hij gaat er vanuit dat de vogel een 3e kalenderjaar vrouwtje of zelfs ouder is.
Dat baseert hij op het feit dat de vogel in het verenkleed verschillende kleuren en mate van slijtage vertoont
(zie foto hierboven), wat aangeeft dat ze minstens één keer eerder heeft geruid, waardoor een tweede
kalenderjaar wordt uitgesloten.
Het geslacht is zowel gebaseerd op de zwaar ogende proporties en brede vleugels (zie voor haar formaat ook de
foto boven terwijl ze baltst met het mannetje [04 04 2023]), maar ook op het feit dat de binnenste handpennen,
die nu voor minstens een tweede keer geruid zijn, niet het typische mannelijke patroon laten zien.
Ook de buitenste handpennen die minstens één keer eerder geruid zijn, vertonen een vrouwelijk patroon,
terwijl mannetjes al na de eerste rui zwart-witte buitenste handpennen moeten hebben. Er zijn mannetjes
die nooit het mannelijke verenkleed krijgen maar op vrouwtjes blijven lijken, maar deze vogel is te zwaar voor
een mannetje.
Ze is donkerder dan de meeste oudere vrouwtjes, maar ze lijkt erg op sommige donkere juvenielen met alleen
een bleke nekvlek. Omdat ze een volwassen vogel is, kan ze misschien gekwalificeerd worden als een individu
van de donkere vorm.
En wie weet heeft ze tijdens dat baltsen in het voorjaar wel een ei gedumpt in het nest van het andere vrouwtje
en hebben we daar het jonge 'maantje' aan te danken.
Ik dank Dick Forsman, Olivier Dochy en Wim Bovens heel hartelijk voor hun expertise en de tijd die ze hieraan hebben willen besteden!
Bruine Kiekendieven, maar ik ben nog niet klaar!
Gestimuleerd door ontbreken van kennis heb ik het vrouwtje dat hier drie jaar lang – al dan niet met een ander vrouwtje als concurrente – gebroed heeft in kleed vergeleken. Heel verrassend was dat ze in haar hele verenkleed geen steek veranderde, ze is echt tot op de veer nauwkeurig te herkennen.
Daarentegen is het mannetje op de onderzijde in drie jaar tijd bleker geworden, terwijl de stuit van wit naar rossig bruin veranderde. Die witte stuit heb ik vaker gezien bij Bruine Kiekendieven (zie foto onder), daarover heb ik niets op internet kunnen vinden. Het bleker worden met de jaren past in wat te vinden is over een deel van de Bruine Kiekendief mannetjes.
Voor een mooi overzicht van vele verschillende Bruine Kiekendieven zie: pdf van Javier Blasco Zumeta
Bruine Kiekendieven, hoe ging het met ze in 2024–2025
2024
In 2024 is het reguliere vrouwtje eind maart–begin april aanwezig in het gebied.
Op 12 april laat zich ook een ander vrouwtje zien.
Helaas komt het reguliere mannetje niet meer terug en heeft waarschijnlijk zijn trektochten niet overleefd. Een jonger mannetje komt er wel.
Dat zal het vrouwtje flink tegengevallen zijn omdat hij alleen aan het einde van de dag met een klein prooitje aankwam. Terwijl haar man van de eerste drie jaar een keiharde werker was, die af en aan vloog met prooien, stond ze er nu nagenoeg alleen voor.
Toch kwamen er twee jongen groot. Één met onder andere een wat lichtere kop dan de ander.
2025
In 2025 is het mannetje – waarschijnlijk dezelfde als vorig jaar – al op 21 maart aanwezig.
Begin april zie ik hem baltsen met twee nieuwe vrouwtjes die ook weer vertrekken.
Het reguliere vrouwtje zie ik pas op 10 april verschijnen.
Ook op 21 april zie ik ze nog samen baltsen.
Op 9 mei komt het mannetje om 17.41 u aan met een kleine prooi.
Ik zag hem nog op 12 en 17 mei. Na mijn vakantie eind juni bleek het voorbij te zijn, ik heb beide vogels niet meer gezien. Is het nest verstoord of waren er andere redenen?
Bruine Kiekendieven, maar ik ben nog niet klaar!!
Hier nog naast elkaar gezet de kleden van het mannetje en vrouwtje over de afgelopen 5 jaar.
Laatst bijgewerkt 6 juli 2025
